← Terug naar Kennisbank Laadinfrastructuur

Mobiele laadoplossing voor de bouw: wat zijn je opties?

Build for Zero · Gepubliceerd

Rij van elektrische bouwmachines die via een mobiele laadtrailer worden opgeladen op een modern bouwterrein, overdag met natuurlijk licht

De overgang naar elektrisch bouwmaterieel vraagt niet alleen om nieuwe machines, maar ook om een slimme laadstrategie. Welke mobiele laadoplossing past bij jouw bouwplaats? De markt biedt inmiddels uiteenlopende opties: van eenvoudige containerunits tot complete all-in-one systemen met geïntegreerde batterijopslag. Dit artikel vergelijkt de drie hoofdtypen en geeft aan wanneer je welke kiest.

Kort antwoord

Mobiele laadoplossingen voor de bouw komen in drie vormen: containerunits (meerdere AC-laadpunten in een verplaatsbare unit), trailers (snel rijklaar, lagere capaciteit) en all-in-one units met geïntegreerde batterij. De keuze hangt af van het aantal en type machines, de beschikbare netaansluiting en de looptijd van het project. All-in-one is het meest zelfstandig; containers schalen beter bij meerdere voertuigen.

Containerunits

Een laadcontainer is de meest gangbare mobiele laadoplossing voor middelgrote tot grote bouwplaatsen. Het gaat om een 10- of 20-voets zeecontainer die is ingericht als laadstation: meerdere AC- of DC-laadpunten, bekabeling, een stroomverdeler en soms bijbehorende veiligheidssystemen.

De voordelen zijn duidelijk. Een container biedt ruimte voor meerdere laadpunten — doorgaans 4 tot 8 — zodat je meerdere machines tegelijk oplaadt. De container is verplaatsbaar met een vrachtwagen en een kraan, wat hem geschikt maakt voor projecten met een looptijd van enkele maanden. De aansluiting verloopt via een bouwstroomkast of rechtstreeks op de tijdelijke netaansluiting van de bouwplaats.

Het nadeel is de benodigde infrastructuur: je hebt een zware netaansluiting nodig om meerdere laadpunten gelijktijdig te benutten, en de plaatsing vergt een kraan. Op bouwplaatsen met beperkte ruimte of een krappe aansluiting is een container minder geschikt zonder aanvullende batterijopslag.

Typisch gebruik: middelgrote bouwplaatsen met 3–8 elektrische machines (graafmachines, laders, verdichters), looptijd 4–18 maanden, beschikbare netaansluiting van minimaal 3×63A.

Trailer-oplossingen

Een laadtrailer is kleiner en flexibeler dan een container: het is een aanhanger die je achter een gewone trekker koppelt en naar de bouwplaats rijdt. Geen kraan nodig, geen zware logistiek.

Trailers bieden doorgaans minder laadpunten dan een container (2–4 punten), maar zijn daarmee ook sneller inzetbaar en verplaatsbaar. Ze zijn ideaal voor bouwplaatsen met kortere looptijden, kleinere materieelvloten of locaties waar de ruimte beperkt is.

De capaciteit van een laadtrailer loopt uiteen van eenvoudige AC-trailers (22 kW per punt) tot geavanceerdere uitvoeringen met DC-laadmogelijkheden (50–75 kW). Sommige trailers hebben een kleine geïntegreerde accu (20–50 kWh) om pieken op te vangen of even standalone te opereren.

Typisch gebruik: kleine bouwplaatsen, sloopprojecten of grondwerken met 2–4 elektrische machines, looptijd 1–6 maanden, of als aanvulling op een vaste aansluiting bij gebrekkige capaciteit.

All-in-one met batterij

De meest zelfredzame optie is een all-in-one mobiele laadunit met geïntegreerde batterijopslag. Dit zijn compacte units — soms op wielen, soms als kleine container — die een batterij (50–300 kWh), een laadcontroller en laadpunten combineren in één systeem.

Het grote voordeel: de unit laadt op via het net (of zonnepanelen) op rustige momenten, en levert laadvermogen aan het materieel onafhankelijk van de directe netbelasting. Dat maakt de unit geschikt voor bouwplaatsen met een beperkte netaansluiting, locaties met netcongestie of als standalone energieoplossing zonder permanente aansluiting.

Leveranciers als Skoon, GreenBattery en diverse Europese spelers bieden all-in-one units die op weekbasis te huren zijn. De huurprijs is hoger dan een eenvoudige containerunit, maar de besparing op een zwaardere netaansluiting kan die meerkosten compenseren — zeker bij een korte looptijd of in een congestiegebied.

Typisch gebruik: locaties met netcongestie of beperkte netaansluiting, kortlopende projecten (1–6 mnd), bouwplaatsen zonder permanente aansluiting, of als aanvulling op bestaande laadinfrastructuur.

Vergelijking per use-case

Use-caseBeste keuze
Grote bouwplaats, 6+ machines, vaste aansluitingContainerunit (meerdere AC-laadpunten)
Klein project, 2–3 machines, korte looptijdLaadtrailer
Netcongestie of beperkte aansluitingAll-in-one met batterij
EMVI-aanbesteding, zelfstandigheid en lage CO2All-in-one met batterij (+ optioneel zon)
Flexibele inzet over meerdere projectenLaadtrailer of kleine all-in-one
Combineert met bouwbatterijContainer + aparte bouwbatterij

De keuze hangt uiteindelijk af van drie variabelen: het aantal en type elektrische machines (en hun laadtijd), de beschikbare netcapaciteit op de bouwplaats, en de looptijd van het project. Build for Zero berekent voor jouw specifieke situatie welke laadoplossing — en welk aansluitingsvermogen — de goedkoopste combinatie oplevert over de looptijd van het project.

Een handige referentie: piekvermogen op de bouwplaats berekenen geeft je de uitgangspunten om het laadvermogen te dimensioneren. Gebruik die berekening als input voor de keuze van de laadoplossing.

Veelgestelde vragen

Wat is het verschil tussen een mobiele laadoplossing en een vaste laadinfrastructuur?

Een vaste laadinfrastructuur is permanent geïnstalleerd en aangesloten op het net, zoals laadpalen op een materieelwerf. Een mobiele laadoplossing is verrijdbaar — als trailer, container of all-in-one unit — en kan van bouwplaats naar bouwplaats worden meegenomen. Mobiele oplossingen zijn ideaal voor projecten met korte looptijden of locaties zonder permanente netaansluiting.

Welk laadvermogen hebben mobiele laadoplossingen voor de bouw?

AC-gebaseerde containerunits bieden doorgaans 2–4 laadpunten van 11–22 kW per punt (totaal 22–88 kW). DC-laadunits voor snel laden starten bij 50 kW en kunnen oplopen tot 150 kW per aansluiting. All-in-one units met geïntegreerde batterij combineren opslag (50–300 kWh) met laadvermogen en zijn minder afhankelijk van de netaansluiting.

Hoe verbind ik een mobiele laadoplossing aan de stroomvoorziening op mijn bouwplaats?

Een mobiele laadoplossing wordt aangesloten via een bouwstroomkast (CEE-stekker of kabelkoppeling) op de tijdelijke netaansluiting van de bouwplaats. All-in-one units met batterij kunnen ook standalone opereren: ze laden op via het net of via zon, en laden het materieel op via hun eigen opslag.

Kan ik een mobiele laadoplossing combineren met een bouwbatterij?

Ja, en dat is vaak verstandig. De laadoplossing regelt de distributie naar het materieel; de batterij buffert het piekvermogen. Door de twee te combineren, houd je de netaansluiting klein en laad je ook bij zonder piekbelasting op het net. Moderne all-in-one units hebben dit al geïntegreerd.

Zijn er subsidies voor mobiele laadoplossingen in de bouw?

Mobiele laadinfrastructuur kan in aanmerking komen voor de SSEB-regeling van RVO, mits het onderdeel is van de overgang naar emissieloos materieel. Controleer bij elke openstellingsronde de actuele voorwaarden — de toepassing van SSEB op laadinfrastructuur verschilt per ronde. De EIA-regeling kan ook van toepassing zijn op investeringen in laadinfrastructuur.

Build for Zero is ontwikkeld door Productized samen met BAM als co-developer en pilotpartner. De Scenario Designer rekent per bouwplaats de optimale mix van laadoplossing en netaansluiting door.